Internationaal samengevat, week 37: PISA meet AI-gebruik, 25 ministers tekenen bij UNESCO, Nederland krijgt een raamwerk en Britse scholen smeken om regels

basisonderwijssecundair-onderwijshoger-onderwijslerarenopleiding vakoverschrijdend onderzoek-en-evidentiebeleid-en-regelgevingai-geletterdheidevaluatie-en-fraudeprofessionalisering euinternationaalnederland digest-internationaal

Deze week internationaal: PISA 2025 meet voor het eerst wat AI-gebruik met leerprestaties doet, UNESCO verzamelt 25 onderwijsministers rond één verklaring, Nederland krijgt een raamwerk AI-geletterdheid voor scholen en Britse experts vertellen het parlement dat leraren om regels smeken. De feiten staan er telkens met bron bij — de duiding voor Vlaanderen is onze interpretatie.

1. OESO: PISA 2025 koppelt AI-gebruik aan lagere scores, maar wie AI “om te leren” gebruikt, doet het even goed. De OESO publiceerde op 8 september het eerste deel van de resultaten van PISA 2025, gebaseerd op meer dan 760.000 vijftienjarigen in 91 landen en economieën (OECD, PISA 2025 Results Volume I). Voor het eerst vroeg PISA leerlingen hoe vaak ze AI-chatbots gebruiken voor vier doelen: teksten samenvatten, vooronderzoek doen, schrijfopdrachten opstellen en “om te helpen leren”. Leerlingen die chatbots gebruiken scoren gemiddeld lager op wetenschappen dan wie dat niet doet, ook na correctie voor sociaal-economische achtergrond, met een kloof van ongeveer 20 punten, wat de OESO gelijkstelt aan ongeveer een schooljaar (Tes, 9 september). Maar wie AI wekelijks gebruikt om te leren, presteert even goed als niet-gebruikers, en wie op school leerde om AI-output kritisch te beoordelen scoort licht hoger; ongeveer zes op de tien leerlingen zeggen dat ze zo’n oefening al kregen, kansrijke leerlingen vaker dan kansarme (MLQ, 10 september, met verwijzing naar het OESO-hoofdstuk over AI-gebruik). De OESO benadrukt zelf dat het om correlaties gaat, niet om bewezen oorzakelijkheid: zwakkere leerlingen grijpen mogelijk sneller naar AI.

Wat betekent dit voor Vlaanderen? Dit is de grootste dataset tot nu toe over AI en leerprestaties, en ze rijmt met de Chinese studie die we vorige week bespraken: AI die het denkwerk overneemt, hangt samen met slechtere resultaten, AI die het leren ondersteunt niet. Voor Vlaamse scholen zit de bruikbare boodschap in de uitzonderingen. Leerlingen die op school leerden om AI-informatie te beoordelen doen het beter, en net die oefening is ongelijk verdeeld. Dat is een argument om AI-geletterdheid niet als keuzevak of als taak voor de ICT-coördinator te zien, maar als iets wat in elke klas aan bod komt, zoals de eindtermen digitale competenties eigenlijk al vragen. De Vlaamse PISA-cijfers zelf en de landenrapporten verdienen een aparte lezing; daar komen we op terug.

2. UNESCO: meer dan 25 onderwijsministers tekenen een verklaring over onderwijs als publiek goed in het AI-tijdperk. Tijdens de Digital Learning Week in Parijs (8 tot 11 september) namen meer dan 25 onderwijsministers een gezamenlijke verklaring aan over het “sustaining education as a common good in the age of AI” (UNESCO, persuitnodiging; WINSS, 9 september). De verklaring bevat acht prioriteiten, waaronder publieke controle op AI-systemen ook als ze gratis worden aangeboden, inspraak van leraren bij de keuze van tools, leeftijdsgeschikte toepassingen, de mogelijkheid voor scholen en gezinnen om AI-gebruik te pauzeren, en rechten van leerlingen en leraren over hun eigen data (AgentLocker, 11 september). UNESCO publiceerde ook een bevraging bij 400 UNESCO-leerstoelen in 90 landen: 93 procent van de academici gaat ervan uit dat studenten AI gebruiken voor opdrachten, 63 procent ziet een terugval in denkvaardigheden, en minder dan 1 procent wil een volledig verbod. Daarnaast opende UNESCO een consultatie over discussienota’s rond AI-soevereiniteit, leeftijdsgrenzen, veiligheid, aankoopbeleid, totale kostprijs en het recht op uitleg; reacties kunnen tot 15 oktober naar aied@unesco.org (Complete AI Training, 10 september).

Wat betekent dit voor Vlaanderen? Ministeriële verklaringen zijn zelden bindend, maar deze bevat twee elementen die Vlaamse schoolbesturen direct kunnen gebruiken. Het eerste is de aandacht voor aankoopbeleid en totale kostprijs: wie een “gratis” AI-tool binnenhaalt, tekent ook voor data, afhankelijkheid en nascholingskosten. Het tweede is de erkenning dat scholen en gezinnen AI-gebruik moeten kunnen pauzeren, wat de Vlaamse discussie over leeftijdsgrenzen een internationale ruggensteun geeft. De open consultatie is een concrete kans: Vlaamse koepels, onderzoekers en pedagogische begeleidingsdiensten kunnen hun ervaring met de AI-verordening en de Digisprong tot 15 oktober inbrengen.

3. Nederland: Kennisnet lanceert een raamwerk AI-geletterdheid voor basis- en voortgezet onderwijs, met toolkit voor teamdagen. Kennisnet publiceerde een raamwerk AI-geletterdheid voor het primair en voortgezet onderwijs, met als uitgangspunt dat scholen volgens de Europese AI-verordening moeten zorgen dat hun personeel voldoende AI-geletterd is (SIVON, 11 september). Het raamwerk onderscheidt een basisniveau dat voor iedereen geldt, ook wie zelf niet met AI werkt, en daarboven een gevorderd en een expertniveau. Het is gebaseerd op het AI-GO!-raamwerk van Npuls, ontwikkeld met de Universiteit Twente, en volgt de structuur van de Nederlandse kerndoelen digitale geletterdheid (“Kundig, Kritisch, Creatief”) met een extra pijler “Professioneel”. De bijbehorende toolkit bevat een compacte versie, een zelfevaluatie voor het basisniveau en een aanpasbare presentatie voor een teamsessie; op 11 november volgt een webinar voor schoolleiders.

Wat betekent dit voor Vlaanderen? Dezelfde verplichting uit artikel 4 van de AI-verordening geldt sinds februari voor Vlaamse scholen, maar een kant-en-klaar instrument om ze in te vullen ontbreekt hier nog. Het Nederlandse raamwerk is Nederlandstalig, gratis en opgebouwd rond een studiedag, precies het formaat dat een Vlaamse directie kan gebruiken zonder eerst een consultant in te huren. De kerndoelen verschillen van onze eindtermen, dus de vertaalslag is nodig, maar het basisniveau-idee (“ook wie geen AI gebruikt moet begrijpen wat het met zijn werk doet”) is een verstandige ondergrens die Vlaamse scholen zo kunnen overnemen. We bespraken de aanpak van Kennisnet eerder in deze podcastaflevering.

4. VK: experts vertellen het parlement dat scholen “wanhopig” op duidelijke AI-regels wachten, en Ofqual wil af van onbewaakt schrijfwerk. Voor de Education Select Committee van het Britse Lagerhuis zei Pip Sanderson van het National Institute of Teaching dat schoolleiders na AI-nascholing vooral vragen: “This is all great and really interesting, but what do I do?” (Tes, 9 september). De lerarenvakbond NASUWT noemde de richtlijnen van het Department for Education “quite laissez-faire” en vroeg “much clearer rules of the road”; Sanderson pleitte ervoor om AI-training een wettelijk recht te maken voor leraren in opleiding en beginnende leraren. Oxford-onderzoeker Rebecca Eynon betwijfelde of AI ooit tijd zal besparen en waarschuwde dat adaptieve systemen voor kwetsbare leerlingen “very demotivating and kind of soulless” kunnen zijn. Ofqual-topman Ian Bauckham zei dat onbewaakte schrijfopdrachten “exposed to risk” zijn en waar mogelijk vermeden moeten worden, en examenbureau AQA meldde dat het AI onderzoekt om menselijke examinatoren te controleren.

Wat betekent dit voor Vlaanderen? De Britse klacht klinkt vertrouwd: veel visieteksten, weinig concrete handvatten. Wie de Vlaamse discussie volgt, herkent de vraag “wat moet ik nu doen?” uit de Knack-reportage over leerkrachten die AI stiekem gebruiken. Twee Britse voorstellen verdienen aandacht. AI-training als recht in de lerarenopleiding is iets wat Vlaamse lerarenopleiders nu al in hun curriculum kunnen verankeren, zonder op een decreet te wachten. En de Ofqual-lijn over onbewaakt schrijfwerk sluit aan bij wat Vlaamse universiteiten dit jaar al deden met examens op papier: niet alles hoeft AI-vrij te zijn, maar wat meetelt voor een eindoordeel moet dat wel kunnen zijn.

Vorige editie gemist? Je vindt ze hier: Internationaal samengevat, week 36.

Volgende week een nieuwe editie. Suggesties voor bronnen die we moeten volgen? Open een issue op GitHub.